Rothko

15. Mark Rothko

Mark Rothko: Red on Maroon Mural, Section 2, 1959.

Mark Rothko: Red on Maroon Mural, Section 2, 1959. Foto: Tate.org.uk

“Just how powerful is art? Can we feel like love or grieve? Can it change your life? Can it change the world?” Deze Grote Vragen stelde Simon Schama ter introductie van het laatste deel van de BBC serie ‘The Power of Art’, uitgezonden in het najaar van 2006. Met gevoel voor dramatiek had de BBC in het begeleidende schrijven daar nog een schepje bovenop gedaan: “This is not a series about things that hang on walls, it is not about decor or prettiness. It is a series about the force, the need, the passion of art …the power of art.”. Ik zal het maar meteen bekennen, de uitzending was aan mij goed besteed en Schama wekte mijn nieuwsgierigheid naar het werk van Mark Rothko. Toen twee jaar later in de Tate Modern een grote overzichtstentoonstelling van zijn werk te zien was en ik in Londen was, had ik het er graag voor over om 2 uur in de wachtrij te staan om toegangskaarten te bemachtigen.

Op 30 oktober 2008 zag ik voor het eerst het werk van Rothko en ik werd totaal overdonderd. Natuurlijk had ik me voorbereid, ik had me een beetje ingelezen en de introductie op de website van Tate bekeken. Maar om met de woorden van Rothko zelf te spreken, al het commentaar van kunstcritici op en bij zijn werk was prietpraat. Op de eerste ontmoeting met zijn werk kán je je niet voorbereiden. Onze taal schiet tekort om te beschrijven wat je op zijn schilderijen ziet, laat staan om te beschrijven wat je als kijker ervaart. Rothko’s fenomenale kracht zat erin om met abstracte kleurvlakken een werkelijkheid te creëren die ver buiten onze rationele werkelijkheid ligt. Schilderijen in Tate waar ik als kijker in verdween, bijvoorbeeld in het oneindige niets van een inktzwarte nacht. Ik voelde hoe mijn rationele brein in opstand kwam: “Hoe kan het dat iemand het Niets kan verbeelden, kan materialiseren met lagen verdunde verf?!”.

Mark Rothko nr 6(?), 1964.

Mark Rothko nr 6(?), 1964. Foto: Tate.org.uk

Intussen zijn we zes jaar verder, het Gemeentemuseum in Den Haag is aan de beurt om groot uit te pakken met Rothko en dat zullen we weten ook. Er waart een Rothko-koorts door Nederland: er zijn lezingen en  schilderworkshops, kranten en tijdschriften staan bol van Rothko en voor een bezoek aan het museum sta je even in de rij*. Wat maakt dat we Rothko’s werk als schrijnend (‘poignant’ zoals hij zelf zei) ervaren, dat het direct onze primaire gevoelens raakt? Wat maakt dat we in zijn werk onverbiddelijk geconfronteerd worden met zowel eindigheid als oneindigheid? En zegt dat iets over onze eigen ideeën en gedachten over deze en gene zijde van de grenzen van ons bestaan en zo ja, wat dan?

Slechts vragen, geen antwoorden. Ga vooral zelf kijken in Den Haag!

 

* N.B. In een eerdere versie van deze blog had ik geschreven dat je voor een bezoek aan het Gemeentemuseum moet reserveren. Het museum maakte mij er op attent dat dit niet het geval is, je kan er zonder te reserveren naar toe!