aandacht

9. Boombevrijdingsdag

Deze blog draag ik op aan mijn dochter Ida

20 km rechte weg ancienne voie romaine tussen Vittel en Mrtigny les Bains

GR7 ten noorden van Martigny-les-Bains
klik voor vergroting

Het is 9 maart 2014 en wandelend over een oude Romeinse weg in N.-O. Frankrijk lees ik het landschap. De weg loopt over een afstand van ruim 20 km kaarsrecht door het open land, van heuveltop naar heuveltop en zij biedt magnifieke vergezichten. Je ziet voor je hoe het landschap er in de Romeinse tijd uit gezien zou kunnen hebben: aan weerszijden van de weg een greppel, dan een één of twee kilometer brede strook bouwland om vanaf de weg goed zicht te hebben, en achter dat bouwland dichte bossen en af en toe een vallei met uitzicht op een groepje boerderijen. De (romaanse) kerkjes zijn van later datum. De 2000 jaar oude fundering van de weg is nog geheel intact en her en der zichtbaar. Zelfs het plaveisel lijkt op sommige plaatsen origineel. Het Romeinse motto was ‘alsmaar rechtdoor’ en door de lichte glooiingen nodigt de weg uit om bewandeld te worden. Voor Caesar’s troepen gold: ‘Mijlen maken!’.

Net als overal elders in Europa vindt ook in La Lorraine schaalvergroting in de landbouw en kaalslag in het landschap plaats. Perceelsgrenzen worden geslecht, bosjes, hagen en overhoekjes worden ‘opgeruimd’, maar ondanks dat vind ik het landschap ter plekke nog bijzonder fraai. Het weer helpt hier zeker mee, zo ook de talloze Alouettes des champs, waarvan het gezang contrasteert met de eindeloze stilte. Opeens doemt er in de verte een lange rij recent aangeplante vruchtbomen op, in de berm van deze millennia-oude weg. Ze staan er precies zoals ze er moeten staan, denk ik: ver genoeg van het wegprofiel om beladen karren (sorry, tractoren) niet te hinderen en vanuit de verte versterken ze prachtig het beeld van de kaarsrechte weg. Kan je je in dit landschap iets mooiers voorstellen dan de aandacht die geschonken wordt aan de verfraaiing ervan? Een verfraaiing bovendien, die zonder enige twijfel past in de eeuwenoude traditie van vruchtbomen langs de weg?

Dichterbij gekomen zie ik dat er allerlei soorten tussen zitten: appels, peren, mirabellen, kweeperen, kersen, tientallen van elke soort. Welke vruchtbomen hebben die Romeinen van destijds allemaal over hun rijk verspreid? Deze bomen zijn een jaar of drie geleden aangeplant en mijn wandelgenoot en ik mijmeren over het aanplanten van vruchtbomen langs alle grote wandelroutes en pelgrimspaden dwars door Europa, bij wijze van routemarkering. En dan valt mijn oog op de knellende boombanden. Dit mooie initiatief lijkt in de kiem gesmoord te worden! De nazorg voor de jonge bomen in de jaren na de aanplant is achterwege gebleven en de dunne stammetjes worden intussen in hun diktegroei zodanig geremd dat de kroon het loodje gaat leggen. De nieuwe sapstroom komt al op gang, de knoppen zwellen reeds, maar sommige exemplaren zijn al helemaal klem gegroeid in de boomband die bedoeld was om stevigheid te bieden. Dit schreeuwt om verlossing!

boombevrijding langs ancienne voie romaine tussen Vittel en Mrtigny les Bains (2)boombevrijding langs ancienne voie romaine tussen Vittel en Mrtigny les Bains (12)Ik kan het niet laten en ik ga bomen bevrijden. Van enkele tientallen exemplaren die stevig genoeg zijn om zonder steunpaal de wind te trotseren, verwijder ik de knellende banden. Bij sommige trek ik ook de steunpaal omver, omdat die tegen de bast aanschuurt en wonden veroorzaakt. En zonder dat ik het me in eerste instantie bewust ben, verbind ik me door deze handeling met deze bomen, met deze Romeinse weg, met dit stukje Frankrijk. Tevreden kijk ik terug op het resultaat en de verzamelde boombanden hang ik op aan de laatste boompaal. Voldaan na gedane zaken verlang ik naar een volgende wandeling over deze weg, over een jaar of 5. Dan wil ik zien hoe fier en dik de bomen erbij staan; bomen die een beetje ‘mijn bomen’ zijn geworden.

5. Troost uit een veertje

‘Vertel me wat dit leven de moeite waard maakt’. Met deze vraag ging Wim Kayzer eind jaren ‘90 voor de VPRO de wereld rond en legde hij deze vraag voor aan wetenschappers, filosofen en kunstenaars. De gesprekken resulteerden in 27 fascinerende televisieprogramma’s, uitgezonden onder de titel ‘Van de Schoonheid en de Troost’ en voor mij vormen ze een hoogtepunt in wat televisie me ooit geboden heeft. Ze hebben nog niets aan waarde ingeboet.

De geïnterviewden geven antwoorden op vragen over hun leven met de toevalligheid van hun bestaan, of ook wel hun worsteling daarmee. Ik zeg met nadruk ‘hun’ en niet ‘het’, want juist daarom is ‘Van de Schoonheid en de Troost’ zo’n meesterlijke documentaire: Kayzer’s gesprekspartners spreken niet alleen vanuit het perspectief van hun vakgebied, maar delen ook heel persoonlijke ervaringen. Sommige interviews zijn terug te vinden op Youtube (On Beauty and Consolation). Neem bijvoorbeeld het gesprek met Richard Rorty, een groot, Amerikaans filosoof. De verlegen en bescheiden Rorty zit vooraleerst wat ongemakkelijk in het gesprek, maar Kayzer weet hem te verleiden tot uitspraken die je niet licht vergeet. Het gesprek lijkt op het eerste gezicht alleen over abstracte filosofie te gaan, die volgens Rorty hard en kil is. Maar ondertussen zit ik als kijker wel naar een zeer gevoelige man te kijken. Rorty vraagt (!) bijvoorbeeld toestemming te mogen citeren uit het nawoord van Vladimir Nabokov in ‘Lolita’ en hij beschrijft na het voorlezen van de passage zijn bewondering voor auteurs als Nabokov, die zo treffend mooi  kunnen formuleren: “I am contemplating a miracle when I read such lines which make the hair of the neck stand up. It is so impressive, I have no idea how it [= het schrijven van zulke mooie teksten] could be done. But I can imagine people just find themselves doing so”. Ondertussen is het natuurlijk Rorty zelf die kwistig prachtige uitspraken rondstrooit waardoor juist mijn nekharen overeind gaan staan. Vooruit, nog eentje dan, wanneer hij spreekt over de grote creatieve geesten der aarde: “How nice to be in the same world with people who can create such a brilliant imagenary creation. And to be able to appreciate what they have done”.  Wanneer Kayzer hem nader bevraagt over wat hem beweegt blijkt Rorty over een “stock of beautiful things …”  te beschikken,  “… consolatory images always in my head”, en ze verlaten de studio om buiten naar vogels te kijken. Daar zien we Rorty dan te midden van zijn bron van troost, als de man die met onbevangen enthousiasme over de schoonheid van de Pestvogel of de Rode Kardinaal spreekt.

troost 080

foto Wim Vermaak

Welk een diepe wijsheid weet Kayzer zijn gesprekspartners te ontfutselen. En hoe verheven en tegelijkertijd geaard weet Rorty mij als toeschouwer te beroeren. Hij biedt me immers zowel stof tot nadenken over de wezenlijke vragen rond de toevalligheid van mijn eigen bestaan, alsook levenslessen die hij tot concrete proporties terug brengt: geniet van schoonheid want daarin ligt troost verborgen. En laat de grote Rorty die schoonheid nou net als ikzelf ook in de natuur vinden, in de vlucht van een vogel, in de kleur van een veertje … . Aandacht hebben voor het gewone and to be able to appreciate it, waardoor het aandacht voor het sublieme wordt.

19 februari 2014