11. Mannen in witte pakken

Nog nooit in de afgelopen 40 jaar heeft de imkerij zoveel belangstelling gehad als in de laatste jaren. Je kunt de radio niet aanzetten, of je hoort wel een bericht over bijen. Iedere zichzelf respecterende krant plaatst met enige regelmaat artikelen over recent bijenonderzoek of een interview met een bevlogen imker. En ik merk het ook in het persoonlijke contact: wekelijks is er wel iemand die mij naar mijn bijen vraagt. Het merendeel van deze nieuwsgierigheid heeft overigens een zorgelijke ondertoon: gaat het nog wel goed met de bijen? Ziektes, Varroamijten, gebrek aan drachtplanten en bestrijdingsmiddelengebruik eisen hun tol. Paradoxaal genoeg gaat het met de imkerij uitstekend en het aantal bijenvolken in Nederland neemt toe.

klik op afbeelding voor vergroting

klik op afbeeldingen voor vergroting

Niet alleen in Nederland krijgen imkers alle aandacht, ook over de grens mag de imkerij zich in een grote belangstelling verheugen. Vorige week wandelde ik in het Jardin du Luxembourg midden in het hart van Parijs en tot mijn teleurstelling was een deel van het park afgezet met dranghekken en rood-witte kettingen. Ik had me immers juist voorgenomen dit keer alle hoeken van dit mooie stadspark te bekijken. Achter de dranghekken zaten mannen en vrouwen in witte pakken en mijn eerste associatie was er een met een bommelding of iets dergelijks. Dichterbij gekomen zag ik echter dat het een groep imkers was: het betrof de halve woensdagmiddagklas van de Parijse imkerclub Société Central d’Apiculture (http://www.la-sca.net/spip.php?rubrique2). De andere helft van de klas 071oogstte op dat moment de laatste zomerhoning, bedoeld voor de verkoop op het jaarlijkse Fête du Miel in hetzelfde park op 27 en 28 september a.s.. Deze Société kan de toeloop van cursisten nauwelijks aan, zij organiseren jaarlijks drie parallelcursussen en alle 80 cursusplaatsen in 2015 zijn reeds bezet. Overigens kent deze Société een lange traditie van imkercursussen; sinds 1856 hebben enkele duizenden Parijzenaars een cursus in het Jardin du Luxembourg met goed gevolg afgesloten. De website van de SCA spreekt over plusieurs dizaines de milliers d’auditrices et d’auditeurs, maar dat lijkt me wat veel. Dat zijn er minstens 125 per jaar, wanneer het gaat over 20.000 cursisten in 160 jaar. Maar hoe het ook zij, de Franse trots hieromtrent zal zeker deels gepast zijn. affiche_Lux_2014-4fa42

Ik vraag me af, waar die enorme belangstelling vandaan komt. Toen ikzelf in 1972 imker werd, was de imkerij in Nederland weliswaar niet echt zieltogend maar ik was wel een heel jong broekie binnen een club van overwegend zeer grijze oude mannen en een paar dito vrouwen. Imkers leken tot een uitstervend ras te behoren. De ledenaantallen van de imkerclubs liepen al jarenlang terug en je werd als imker ook wel een beetje als wereldvreemd beschouwd. Wat een contrast met tegenwoordig! Nu wordt je als ‘hoeder van de biodiversiteit’ gekoesterd (voor wat het waard mag zijn …). Zou dat in Frankrijk vergelijkbaar zijn? Kende de imkerij daar net als hier een sterke teruggang in de 2e helft van de vorige eeuw? En wordt de imkerij daar net als in Nederland meer en meer een urbane aangelegenheid? In ieder geval doen de bijen het in het Jardin du Luxembourg geweldig goed, getuige de volle honingraten die uit de kasten werden gehaald. Ik zal mijn scouts vragen te onderzoeken wat de Parijzenaar op die feestmarkt betaalt voor een potje ‘Miel de Luxembourg’!

4 comments

  1. Leuk! Zou stadshoning ook stadse onzuiverheden bevatten? (fijnstof etc). Niet dat ik hem daarom zou laten staan, maar misschien dat daarin dan ‘de smaak van Parijs’ of van Londen etc te herkennen blijkt?

    1. Ik vraag het me af; nectariën in bloemen zijn doorgaans erg klein en produceren maar kort nectar. Weinig kans dus om stoffig te worden. En voor zover ik weet wordt er in steden nauwelijks of geen bladhoning (‘miellat’ op z’n Frans) geoogst, of het zou van de linde moeten zijn. Dat is natuurlijk een heel ander verhaal: bladeren zijn optimale fijnstofvangers, zeker wanneer ze kleverig van de honingdauw zijn. Dan zit er zeker fijnstof in. Maar dan komt weer de vraag: wat doet dat fijnstof chemisch gezien in de honing? Kortom: leuke onderzoeksvraag!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>